Home
Far Field
Zie Verre veld
Top
Fantoom, fantoom voeding
Een truuk om een microfoon met ingebouwde voorversterker te voorzien van
voedingsspanning, zonder daarvoor meer aders in de kabel nodig te hebben.
De truuk werkt alleen met afgeschermde symmetrische kabels zoals die met XLR
connectoren die algemeen toegepast worden in de professionele audio
wereld.(Omroep en P.A.) De voedingsspanning wordt aangesloten tussen een
middenaftakking op de symmetreer transformator en de afscherming. Aan de
microfoon kant wordt de voedingsspanning op vergelijkbare wijze afgenomen. Ook
bij modernere schakelingen zonder transformator is er een vergelijkbare methode
om de microfoon / voorversterker van voedingsspanning te voorzien.
Top
Farad
De eenheid van capaciteit.
Een condensator met een waarde van 1
farad is een erg grote. Meestal worden onderverdelingen gebruikt als milli,
micro, nano en pico-farad. Steeds een duizendste van de voorganger.
Als je in een condensator van 1 Farad een stroom van 1 Ampere stuurt neemt de
spanning met 1 Volt per seconde toe.
Top
Faraday, kooi van-
De eenheid van capaciteit, de Farad, is naar deze meneer genoemd. Hij heeft nog
flink wat meer op z'n naam staan, o.m. de kooi. Nou bestonden kooien voor zijn
tijd ook al, maar hij heeft ontdekt en aangetoond dat een geheel gesloten,
metalen kooi een afscherming vormt voor elektromagnetische velden, in ieder
geval voor elektrische velden. (magneetvelden ligt wat moeilijker)
We vinden dit principe terug bij de metalen of gemetalliseerde plastic kasten
van allerlei elektronische apparatuur, en bijv. bij de magnetron oven. Zo'n oven
bevat een radio zender van zo'n Kilowatt en daarvan mag niet meer dan een paar
micro-watt naar buiten komen.
Je kunt een eenvoudig experimentje doen waarbij je ziet dat zo'n kooi wel goed
afschermt voor hoogfrequente EM velden, maar het bij lagere frequenties veel
slechter doet, vooral voor het magneetveld.
De proef gaat zo: Stop een spelende transistor radio in je magnetron oven. DE
OVEN NIET AANZETTEN !! (dat is einde radio), maar alleen het deurtje dicht.
De FM ontvangst is over, vaak als het deurtje nog niet eens dicht is. Maar op de
middengolf speelt die radio wel door. Hoe komt dat?
Twee redenen: De middengolf antenne is bij die radio'tjes altijd een
ferrietstaaf. Die reageert op de magnetische component van het
elektromagnetische veld. En een oven van RVS of aluminium schermt dat zo goed
als niet af. Als je de radio in een ijzeren ton stopt is het met de middengolf
ontvangst waarschijnlijk ook over, ik heb dat niet geprobeerd.
De FM-antenne is altijd een sprietje en dat reageert vooral op de elektrische
component van het EM-veld en die wordt wel goed afgeschermd.
De tweede reden is wellicht dat zo'n oven voor wat lagere frequenties niet goed
dicht hoeft te zijn. Het deurtje is niet goed doorverbonden met de rest van de
kooi. Voor de hoge magnetron frequenties (2700 MHz) is de capacitieve koppeling
afdoende, maar niet bij de middengolf.
Ook je mobieltje zal de melding "geen provider beschikbaar" o.i.d.
geven als je het in de oven legt.
Vervolg van de proef: Leg een dunne geisoleerde draad vanuit de ovenruimte naar
buiten, en de FM-ontvangst komt weer gedeeltelijk terug. Dit demonstreert dat de
afschermende werking van een metalen kast flink teniet gedaan wordt door een
enkel kabeltje dat zondere verdere maatregelen door de kastwand komt.
Je mobieltje zal het nu nog niet doen; het ontvangen lukt misschien wel, maar
het zend signaal zal onvoldoende overgedragen worden.
Top
Fase, Faseverschuiving
Als het over het lichtnet gaat wordt de fasedraad bedoeld, de bruine draad van
de huisbedrading. Dat is de spanningvoerende draad. De blauwe is de nul en voert
slechts een geringe spanning t.o.v. aarde.
In sommige oudere wijken en binnensteden ligt er een z.g. "oud net",
waarbij zowel fase als nul ieder ongeveer 130 Volt t.o.v. aarde voeren. Doordat
deze spanningen 120 graden uit fase zijn is de spanning tussen die twee toch 230
Volt. In de meterkast vind je dan twee zekeringen (stoppen) per groep.
Alle elektrische apparatuur (en dus ook geluidsapparatuur) is zodanig gebouwd
dat het niet uitmaakt hoe de steker in het stopcontact zit. Als dat wel uitmaakt
moet je ermee terug naar de winkel want dan hebben ze je rommel verkocht.
Faseverschuiving houdt in dat bij een wisselstroom de stroom en de spanning niet
tegelijk door nul gaan, zoals dat bij een zuivere (Ohmse) weerstand gebeurt.
Bij zelfinducties loopt de stroom achter bij de spanning, bij condensatoren gaat
de stroom voor de spanning uit.
Bij zuivere zelfinducties en condensatoren is dat 90 graden, oftewel een kwart
van de periodetijd van de wisselstroom.
We spreken van een "Ohms" circuit, of van de "Ohmse"
weerstand als de stroom en de spanning in fase zijn. (gebruikelijk is de lettere
R)
Als we nadrukkelijk ook de faseverschuiving in aanmerking willen nemen spreken
we over "impedantie" van een circuit (er wordt dan de letter Z
gebruikt)
De fase wordt gemeten in graden of in radialen. In de elektrotechniek wordt
meestal de cosinus van de hoek opgegeven, men spreekt dan van de cosinus-phi of
cos-fi.
In elektronische circuits vinden soms fase verschuivingen plaats. Meestal hoef
je je daarover geen zorgen te maken.
Ten eerste: Als de frequentie karakteristiek van een component (bijv. een
versterker) goed vlak is, is het fase gedrag bijna altijd ook goed.
Ten tweede: Het menselijk gehoor is niet bijster gevoelig voor de fase van
allerlei signalen, maar het maakt wel uit. Er is een programma
beschikbaar dat dit demonstreert.
Zie ook het artikel over wisselfilters
en het hoofdsuk basis-elektronica
Top
Fase-lineair
Als je van een systeem een grafiek maakt van faseverschuiving tegen
frequentie
dan kun je de volgende conclusies trekken: Als het een rechte lijn is worden
alle frequenties evenveel in tijd vertraagd. Als die lijn erg steil loopt is de
vertraging groot (maar dat is geen probleem want alles ondervindt dezelfde
vertraging)
Als die lijn erg bochtig is ondervinden verschillende frequenties verschillende
vertragingen en mag je geringe invloeden op de klank verwachten, maar je zult in
zo'n geval vrijwel altijd ook ook hobbels in de amplitude
karakteristiek zien.
Bij luidsprekers (kasten) vinden we vrijwel altijd flinke hobbels in de fase
karakteristiek (fase fouten) Dat komt ten dele door de luidsprekers zelf, door
het wisselfilter en door de manier van monteren. Vanaf de luisteraar gezien
moeten de "akoestisce centra" liefst op dezelfde afstand staan. Bij
een basluidspreker zit dat centrum dieper dan bij een tweeter. Een mogelijkheid
om het dan goed te krijgen is het achterover laten hellen van het front van de
kast.
In de audio techniek wordt vaak de term "Frequentie
karakteristiek" gebruikt. Je ziet dan een grafiek met op de horizontale as
de frequentie (vaak met een logarithmische
schaalverdeling) en op de vertikale as de sterkte waarmee een signaal
doorkomt.
Soms staat er een tweede curve is die de fase-draaiing
aangeeft.
Deze 2 curves samen geven de totale overdracht van 1 of ander systeem
De term "frequentie karakteristiek"is wat ongelukkig gekozen, beter
zou zijn om over de "Amplitude karakteristiek" of de "Fase
karakteristiek" te spreken.
Top
Fysiologische sterkte/volume
regeling
Een methode van volume regeling waarbij er gecompenseerd wordt voor het feit dat
het menselijk gehoor bij lager volume minder gevoelig is voor hoge (en vooral)
lage frequenties. In het ideale geval wordt er gecompenseerd volgens de Fletcher
Munson curves.
Er zijn mij slechts twee implementaties bekend, die beide hun doel
voorbijschoten.
De ene vind je vrij algemeen in ouderwetse (buizen) radio's. D.m.v. een
aftakking op de volume potmeter wordt er voor gezorgd dat boven een bepaalde
stand van die knop alle hoge tonen verdwijnen (zo die er al waren)
De tweede is de "Loudness" knop op veel versterkers uit de 70-er en
80-er jaren. Wat er had moeten gebeuren is: het totaal volume verlagen, en het
laag en het hoog wat ophalen, in overeenstemming met de Fletcher-Munson curves.
Wat deze knop steevast doet is alleen het laag en het hoog ophalen, zonder het
totaal volume te verlagen. Zodat alles lekker vet en dreunend klinkt en dat doet
het in de comercie wel goed.
Een goede implementatie van een F- regeling is dan ook niet eenvoudig, en de
ijking bijkans onmogelijk. Er moet per systeem en per luisterruimte vastgesteld
worden wat het z.g. nul-nivo is. (het nivo waarbij de karakteristiek recht is).
Het nul-nivo is bovendien afhankelijk van het genre muziek, en ook van allerlei
omstandigheden bij de opname.
Je doet er goed aan om zulke circuits buiten werking te stellen.
Ik hou me aanbevolen voor informatie over meer geslaagde vormen van een
fysiologische sterkte regeling.
Top
Home